Nekya logo logo avn

DE MAAN IN DE HOROSCOOP

(Lezing astrologisch congres Tilburg 1995)

De maan als archetypisch symbool wordt vaak beschouwd als de ziel in de context van de drie-eenheid: “lichaam-ziel-geest”, waarmee dan in de horoscopie respectievelijk de ascendant, de maan en de zon worden bedoeld.

Zelf benadruk ik altijd het grote belang van deze drie horoscoopcomponenten door ze de driepoot te noemen waar het geheel op rust. Toch is er juist over deze drie belangrijke factoren veel inhoudelijk meningsverschil onder astrologen. Neem nou het begrip “ziel” voor de maan. Dat is een nogal abstract gegeven, waar menig filosoof zich over heeft gebogen, zonder dat dat tot meer eenduidig­heid leidt.

Zelf benader ik deze begrippen vanuit de Jungiaanse filosofie en de ziel kan dan misschien beter begrepen worden in vergelijking met de geest, die door de zon wordt gesymboliseerd. De zon staat dan voor de levenskracht, dynamiek en energie, de “godsvonk” die levenslust schenkt. De ziel daarentegen is opge­bouwd uit gevoelsindrukken en waarnemingen, wat concreet wordt beleefd als dat wat men voelt, verlangt en zich herinnert. Het is dan dat deel van de psyche dat reïncarneert en daarbij haar eigen geschiedenis met zich mee neemt.

Zon en maan kunnen ook begrepen worden in hun polariteit van yang en jin. De mannelijk zon die dus yang is, is dynamisch en actief en de vrouwelijke maan die dus yin is, vertegenwoordigt het ontvankelijke en passieve deel van onze psyche. Hier hebben we dus te maken met een polariteit en zoals we weten: “de twee baart drie”. Deze derde factor is dan het lichaam, die door de ascendant wordt vertegenwoordigd, zodat manifestatie en realisatie van het leven mogelijk wordt. We kunnen hierbij de vergelijking maken met de wetmatigheid waarbij iedere these tot een antithese leidt, een spanning die vervolgens overbrugd kan worden door de synthese. Een drie-eenheid is echter volgens de psychologie van Jung een gegeven dat weer om een vierde factor vraagt om ontwikke­ling mogelijk te maken. Deze vierde factor wordt dan mijns inziens gevormd door de planeet Mercurius, want het is Mercurius die de tegenpolen met elkaar verbindt en informatie overbrengt.

Jungiaans gesproken is de zon het ego, het centrum van het bewustzijn, waarmee wij ons bewust kunnen worden van de overige delen van de psyche. Daarom is de zon het organiserend principe dat zijn licht kan doen schijnen op de totaliteit van de persoonlijkheid, net zoals de zon in ons sterrenstelsel alle overige planeten verlicht. De zon heeft dus altijd met het bewustzijn te maken. De maan daarentegen wordt altijd geassocieerd met onbewust gedrag. Dit onbewuste van de maan moeten we echter niet verwarren met datgene wat wordt verstaan onder het persoonlijk onbewuste. Want dat moeten we astrolo­gisch gezien plaatsen bij het 8e principe. De maan die hoort bij het 4e principe, vertegenwoordigt alles wat van dat onbewuste aan de oppervlakte komt. Dus de impuls die ten grondslag ligt aan het maangedrag stamt inderdaad uit het onbewuste, maar dat gedrag zelf moeten we plaatsen in het bewuste deel van onze psyche. Niet dat we ons daarvan altijd even bewust zijn. Integendeel, ook ons bewustzijn kent donkere hoekjes waar het licht van de zon, het ego dus, nog op moet schijnen om het echt tot je door te laten dringen. In dit proces van bewustwording ervaren we dat dit niet gepaard gaat met  weerstand en afweer, zoals dat wel het geval is bij pogingen om de onbewuste gedragingen die  voortkomen uit het persoonlijk onbewuste tot ons bewustzijn toe te laten. Deze weerstand en afweer gelden dan ook als criterium, alleen dan is er onbewust materiaal in het spel en anders niet.

Maar zoals al gezegd liggen de wortels van ons maangedrag wel in ons persoon­lijk onbewuste. Dat komt omdat dit gedrag gebaseerd is op vroegere ervaringen. Dit kunnen zelfs ervaringen zijn uit vorige levens voor hen die in reïncarnatie geloven. Maar het zijn toch vooral de ervaringen met de eigen moeder of plaatsvervangend verzorg(st)er die hieraan ten grondslag liggen.

Men zegt ook dat de zon symbool staat voor de behoefte jezelf te zijn, terwijl de maan een zeker schijngedrag symboliseert. Dit komt overeen met wat Jung bedoelde met het begrip “persona”, wat masker betekent. Althans ten dele, want het is niet alleen het vierde principe in de horoscoop dat de persona vertegenwoordigt, ook het tiende principe heeft hier veel mee te maken.

In tegenstelling tot wat veel astrologen beweren, wordt de persona niet door de ascendant weergegeven. Er was vroeger een boek op de markt over horoscoopduiding vanuit de Jungiaanse psychologie waarin ook deze fout gemaakt wordt. De specialiste in Nederland op het vlak van de Jungiaanse astrologie, Karen Hamaker, van wie ik een leerling en bewonderaarster ben, heeft ons in de lessen hierop attent gemaakt. De ascendant is namelijk iemands natuurlijke houding en uitstraling die vooral tot zijn recht komt in meer persoonlijke situaties en kontak­ten. De midhemel daarentegen vertegenwoordigt ook een houding naar buiten toe, maar dan de houding die gebaseerd is op ons ik-beeld. En dat is een houding die vooral  bij de eerste indruk een rol speelt. Het mc. is dus meer een ‘beroeps-persona’, zoals we onszelf zien of zouden willen zien. We mogen deze persona niet opvatten als een schijnhouding die we moeten zien af te leren. Volgens Jung is de persona een belangrijk archetype, dus algemeen menselijk gedragspatroon, dat ons helpt steeds weer opnieuw de afweging te maken tussen jezelf-zijn en je aanpassen aan wat maatschappelijk van je wordt ver­wacht.

De andere kant van de persona-as die we dus vinden in het vierde principe waar ook de maan toe behoort, symboliseert dan het doen-alsof gedrag dat we inschakelen in onzekere en onveilige situaties. Het teken van de maan met zijn huisplaatsing en aspectering, geeft dan aan hoe dat gedrag eruit ziet. Hier kom ik later op terug.

Als we dan alle betekenissen die we tegenkomen bij het maan-archetype nu eens op een rijtje zetten zien we behalve persona, gevoel en verleden, ook automati­sche gewoontes, geconditioneerd gedrag, reflecterend vermogen, geheugen en herinnering, de moeder en het gedrag dat we inschakelen bij onzekerheid. Bovendien vertegenwoordigt de maan ook een aspect van onze vrouwelijkheid en is daarmee een deel van de anima.

Wat heeft dit alles nu met elkaar te maken? Om het maan-gedrag beter te begrijpen moeten we terug naar de vroege jeugd en de relatie met de moeder. Het is in deze relatie dat de kiem wordt gelegd voor veiligheid en emotionele zekerheid. Hoe meer veiligheid en geborgenheid er door de moeder werd geboden, hoe beter de horoscoop-drager in staat zal zijn contact te houden met de maan dus zijn of haar gevoel. Als echter het zeer jonge kind geconfronteerd is geworden met onveiligheid, zal het de emoties van pijn en verdriet die hier het gevolg van zijn aanvankelijk met behulp van een afweermechanisme wegstop­pen. Ik heb het dan over de fase waarin het kind nog geen identiteitsbesef heeft ontwikkeld, dus het kind in de mythische fase zoals dat wordt genoemd. Volgens Jung wordt deze mythische fase pas afgesloten rond het 7e jaar en is ieder kind tot die leeftijd min of meer de speelbal van de onbewuste processen die zich afspelen in met name de moederfiguur. Als deze moeder last heeft gehad van onverwerkte emoties van bijvoorbeeld pijn en verdriet, zal ze het moeilijk kunnen verdragen haar kind te horen huilen. Door de intense band tussen moeder en kind worden namelijk oude en onverwerkte gevoelens van de moeder gerestimuleerd door het huilen van het kind. De moeder die zich niet bewust is van deze psychologische processen zal haar uiterste best doen het huilen te doen stoppen. Daardoor krijgt het kind onbewust de boodschap mee dat huilen verkeerd is. Maar huilen is met name voor een baby de enige manier om  zich te uiten en aan te geven wat het nodig heeft. Als het kind van jongs af aan geleerd is niet te huilen, wordt het in zijn of haar gevoelsuitingen min of meer gefrustreerd. Zulke gevoelens kan een kind in de mythische fase nog niet goed verwerken, want het verwerkingsmechanisme van het 8e principe kan pas goed functioneren als de structuur in de psyche een eerste vorm heeft gevon­den. Daarom is het voor zo’n jong kind van levensbelang dit afweermechanisme in te schakelen.

Op latere leeftijd echter zien we  dat de volwassene geneigd is vanuit dit afweermechanisme te blijven reageren op situaties die pijn en verdriet oproepen. Men voelt dan gewoon niks, althans niet bewust. Dit proces leidt op den duur tot een te strakke persona, waarvan men zich dan ook niet bewust is. Want men heeft meer last van onzekerheid doordat de basis van veiligheid en geborgenheid  ontbreekt of niet sterk genoeg is. Het doen-alsof gedrag van de maan kan dan leiden tot vervreemding van het eigen gevoel en de gevoelsmatige behoeften.

Ik ben ervan overtuigd dat het uiten van emoties heel veel te maken heeft met de maan in de horoscoop. De maan is immers van het waterelement en het hoofdkruis, wat de componenten gevoel en omgeving aan elkaar koppelt. Hieruit volgt ook de voor de maan zo bekende kwetsbaarheid en de behoefte aan gevoelsbanden met de omgeving wat vanuit die kwetsbaarheid nogal eens leidt tot het eenrichtingsverkeer van het moederlijk verzorgende, maar eveneens tot de neiging van de maan tot geslotenheid en terugtrekking. Van de kreeft is echter ook bekend hoezeer deze behoefte heeft aan het delen van gevoelens met anderen, omdat dit teken zo vol kan zitten met dat gevoel dat hij of zij er last van krijgt als het niet geuit kan worden. En ik heb ook inderdaad regelmatig gezien  dat mensen met een sterke kreeft-bezetting of een prominente maanplaatsing in de horoscoop, heel snel overgaan tot het uiten van allerlei persoonlijke en andere gevoelsmatig beladen ervaringen en meer dan ooit zelfs tegen wil en dank. Ook heb ik ervaren dat het juist deze mensen zijn die het gemakkelijkst hun tranen laten stromen, ook zonder dat ze dit willen en soms in de meest onmogelijke situaties. In dit perspectief geplaatst kunnen we beter begrijpen wat er wordt bedoeld met de bewering dat in het vierde principe datgene ligt wat van het onbewuste aan de oppervlakte komt. Het waterelement is het diepst in de psyche geworteld en dat geldt ook voor de watertypes. Wie in staat is tot huilen heeft contact met dat waterelement en het is bekend dat hier vaak een probleem ligt juist voor de lucht-types. Vooral het hoofd-lucht-teken weegschaal  heb ik meer dan eens horen klagen over het onvermogen om te huilen.

Het is dus in de eerste ervaringen van het kleine kind dat de kiem wordt gelegd voor het al dan niet contact hebben met het gevoel op latere leeftijd. Vandaar ook dat ik bij maanproblemen in de horoscoop van een klein kind steeds weer naar de ouders toe benadruk hoe belangrijk het is het kind deze ontladingen toe te staan. In de praktijk echter blijkt dat juist bij kinderen met een geafflicteerde maan er sprake is van ouders die gevoelsmatig nogal in de knoop zitten. Het is dan ook voor de astroloog  van wezenlijk belang de problematiek van de ouders te bespreken in plaats van die van het kind.

Hiermee hoop ik duidelijk gemaakt te hebben wat het gevoel te maken heeft met doen-alsof gedrag, oftewel de maan-persona en waarom we geneigd zijn het maan-gedrag in te schakelen bij onzekerheid. De onzekerheid die hier bedoeld wordt is emotionele onzekerheid, dus eigenlijk onveiligheid en kwetsbaarheid. We kunnen hierbij letterlijk het beeld voor de geest halen van het dier de kreeft zonder beschermend schild. De weke huid zou direct vertrapt kunnen worden en het dier zou zich op geen enkele manier kunnen verdedigen. Zo voelt ook de mens zich als hij of zij altijd vanuit zijn of haar gevoel eerlijk zou moeten reage­ren. Deze kwetsbaarheid is soms simpelweg te groot en om ons te kunnen handhaven in een harde wereld, waar weinig plek is voor onzekerheid en kwetsbaarheid is dit schild, psychologisch vertaald het persona-gedrag, onont­beerlijk om in sommige situaties te kunnen blijven functioneren.

Dit zelfde proces heeft te maken met het geconditioneerde gedrag en de automa­tische gewoontes die altijd aan de maan gekoppeld worden. Ook deze gedrags­patronen zijn ontstaan uit de vroegere relatie met de moeder. Want voor ieder kind is het gedrag van de moeder verbonden aan veiligheid en geborgenheid, zelfs als dit gedrag negatief was en dus in feite weinig veiligheid bood. Het kind weet in zo’n geval gewoon niet beter en zal ook dit negatieve gedrag kopiëren, althans in situaties waarin gevoelens een rol spelen, want dat is het terrein van de maan. Ook reflecterend vermogen en aanpassing hebben hiermee te maken. Zo is het gedrag van de moeder, althans zoals we het zelf hebben beleefd, bepalend voor hoe we op latere leeftijd reageren in gevoelssituaties. Onbewust reflecteren we wat we hieromtrent in ons geheugen hebben opgeslagen. En wie veiligheid en geborgenheid in voldoende mate heeft ervaren, zal dit aanpassend gedrag veel bewuster kunnen inschakelen dan degene die dit niet zo ervaren heeft.

De maan in de horoscoop vertelt ook iets over hoe je je eigen moeder of plaats­vervangend verzorg(st)er hebt beleefd. Het is dus niet hoe zij was, de horoscoop geeft slechts aan hoe iemand het persoonlijk heeft ervaren. En je ziet wel bij grote gezinnen aan alle verschillende maanstanden hoe persoonlijk en subjectief deze ervaring is. Al heb ik ook gemerkt dat de maanstand van het kind dit gedrag in de moeder ook aanspreekt en activeert, zodat het best kan zijn dat de moeder ook verschillende houdingen aannam tegenover de verschillende kinde­ren, maar het gaat dan om hele subtiele en kleine verschillen.

Daarbij moeten we dan kijken naar de maan in teken, huis en aspectering. Ik heb geconstateerd dat het vooral de aspecten zijn die de mate van veiligheid  die ervaren is aangeven. Toch kunnen we al heel wat informatie halen uit de teke­nachtergrond van de maan. Laten we daarom eens ter verduidelijking alle maanplaatsingen in teken bekijken en zien hoe die ervaring met de moeder kan leiden tot een bepaald persona-gedrag. Natuurlijk zijn er veel meer duidingen mogelijk dan hier wordt beschreven. Het zijn dan ook maar voorbeelden.

maan in ram.

De moeder werd mogelijk ervaren als erg druk en energiek. Misschien was zij zo op zichzelf gericht, dat zij weinig ruimte gaf aan de emotionele behoeftes van het kind. De pijn die hiervan het gevolg is zou later bij onzekerheid de reactie kunnen geven van snel boos worden. Dit is echter niet het werkelijke gevoel van de horoscoopdrager.

Het persona-gedrag kan hier dan ook omschreven worden als: je verschui­len achter boosheid terwijl je je in feite onzeker of verdrietig voelt.

Maan in stier.

Het is mogelijk dat de moeder werd ervaren als rustig en stabiel. Emotionele veiligheid wordt dan ook geassocieerd met dit soort stierkwaliteiten. Dat kan ook zijn: bedachtzaamheid, bezitterigheid of koppigheid etc.

In onzekere situaties kan dit leiden tot een persona-gedrag van doen alsof je zeker bent van je zaak en koppig aan iets vasthouden.

Maan in tweelingen.

Wellicht zag men de moeder als erg rationeel of als iemand die veel praat en veel kennissen had.

Het persona-gedrag dat hierdoor kan ontstaan is: doen alsof je veel weet, altijd vrolijk bent en ook humor kan hier als schijngedrag worden ingescha­keld.

Maan in kreeft.

De moeder was erg zorgzaam, misschien zelfs te, en/of bemoeizuchtig. Het kan ook zijn dat zij als erg gevoelig werd ervaren. Het persona-gedrag kan hier het sterkste zijn, aangezien de maan hier in eigen teken staat. De maan in kreeft kan dan ook een echte toneelspeler zijn, zonder zelf in de gaten te hebben wanneer men het toneel betreedt of er weer afstapt.

Het persona-gedrag kan hier tot uiting komen in het doen alsof je iemands moeder bent. 

Maan in leeuw.

Moeder was de baas en/of een trotse, sterke zelfbewuste persoonlijkheid, die ertoe neigde zichzelf centraal te stellen. Haar leidinggevende kwaliteiten zullen voor de horoscoopdrager al snel met veiligheid worden geassocieerd.

Het persona-gedrag kan hier dan ook tot bazigheid leiden, doen alsof je vol zelfvertrouwen zit, pochen of andere dikdoenerij.

Maan in maagd.

Hier is het mogelijk dat men de moeder zag als dienstbaar en onderdanig. Maar ook kritisch, afstandelijk en intellectueel is mogelijk.

Hier zien we dat het persona-gedrag bij onzekerheid zich manifesteert in de neiging te doen alsof niets je raakt en je overal nuchter afstand van kunt nemen. Ook muggenzifterij kan bij deze maan onzekerheid maskeren.

Maan in weegschaal.

De moeder werd ervaren als tactvol, diplomatiek, vriendelijk en evenwich­tig. Maar het kan ook zijn dat zij als schijnheilig en oppervlakkig overkwam. Omdat de weegschaal niet uitblinkt in directheid en openheid kan het persona-gedrag hier ook sterk zijn. We kunnen het dan herkennen als een doen alsof je de ander aardig vindt, in de hoop dat die ander jou dan ook weer vriendelijk zal bejegenen.

Maan in schorpioen.

Met de maan in schorpioen kan de moeder ervaren worden als confronte­rend, omdat zij de vinger op de zere plek legt of als broeierig en diepgaand, ontoegankelijk en gesloten. Ook machtsstreven kan hier een rol spelen.Het persona-gedrag dat hieruit voort kan komen is doen alsof je overal greep op hebt, of alles kunt beredeneren.

Maan in boogschutter.

Hier werd de moeder mogelijk ervaren als optimistisch en vol vertrouwen, of als religieus of overdrijvend, geen grenzen kennend. Dit optimisme zal als snel geassocieerd worden met veiligheid.

Dus is men geneigd in onveilige situaties de werkelijkheid van het probleem te ontkennen, men kan doen alsof er geen beperkingen en grenzen bestaan.

Maan in steenbok.

Moeder was vaak streng, integer, verantwoordelijk en geneigd om steeds te doen wat maatschappelijk gesproken van haar verwacht werd. Deze moeder wordt vaak als koud, afstandelijk en soms zelfs hard ervaren, zodat er weinig veiligheid en geborgenheid was.

De persona kan ook hier behoorlijk sterk zijn, omdat ook steenbok met dit thema te maken heeft en kan tot uiting komen in een doen alsof je het zwaar hebt met je verantwoordelijkheden maar toch niets van een ander nodig hebt.

Maan in waterman.

Het is mogelijk dat de moeder werd ervaren als apart, onaangepast of als grillig en onberekenbaar. Anders zijn en excentriciteit kunnen hier met veiligheid in verband worden gebracht.

Doen alsof je geen last hebt van enig gevoel is hier vaak het persona-gedrag. Maar het is ook mogelijk te doen alsof je het helemaal niet nodig hebt ergens bij te horen. Het anders-zijn wordt dan als masker gehanteerd.

Maan in vissen.

Met maan in vissen leek de moeder vaak altruïstisch, religieus. of zij speelde een rol die haar tot slachtoffer bestempelde. Ook de moeder die dromerig en afwezig is of zich helemaal laat gaan in een bepaalde versla­ving is hier mogelijk.

Het persona-gedrag komt er hier bijvoorbeeld op neer dat je doet alsof je zielig bent, of op een andere manier suggereert dat je steeds jezelf volledig voor de ander opoffert. Hiermee hoop je dan reacties uit te lokken waardoor je je eigen onzekerheid weer de baas kan.

De meest relevante vraag die nu rijst is natuurlijk of we gedoemd zijn met de maan altijd toneel te spelen en of we dat maan-gedrag dan ook af moeten leren. Het antwoord is: natuurlijk niet. Zoals ik al eerder zei heeft het beschermende doen-alsof gedrag van de maan een natuurlijke beschermende functie in onze psyche. En zoals bij elke planeet het geval is, kunnen we ook de maan haar werking zien uitoefenen op drie verschillende niveaus. De astroloog kan niet uit de horoscoop halen op welk niveau in deze horoscoop die planeet uitwerkt, aangezien het juist op dit vlak is dat de vrije wil van de horoscoopdrager bepalend is. Het is ook niet zo dat een moeilijk geplaatste maan juist op lager niveau blijft functioneren, want het zijn juist de conflicten die ons ertoe aan kunnen zetten tot bewustwording en ontwikkeling te komen.

Die verschillende niveaus kunnen we als volgt omschrijven:

  1. Het primitieve niveau: men wordt geleefd door onverwerkte emoties. Er is geen bewust contact met het gevoelsleven en de persona is dan star, wat betekent dat je altijd dezelfde reactie hebt in bepaalde situaties en je daar ook mee identificeert. In emotionele situaties is men echter een onecht mens, vervreemd van het eigen gevoelsleven.
  2. Het bewustzijnsniveau: men is zich enigszins bewust van de oorzaken van het maangedrag, maar de gevoelens die hieraan ten grondslag liggen zijn nog niet verwerkt. De persona is dan soms nog te star, maar functioneert zo nu en dan ook al soepeler en flexibel.
  3. Het niveau van het zelf. Het zelf is een Jungiaans archetype dat de totaliteit van de persoonlijkheid symboliseert. Het is een staat van zijn waarin sprake is van een volledig evenwicht tussen bewustzijn en onbewuste. Zo’n volledig evenwicht is statisch en zonder dynamiek kan psychische energie niet stromen en is leven dus onmogelijk. Vandaar ook dat we hiernaar slechts kunnen streven. Het kan nooit volledig bereikt worden, maar we kunnen er wel dichtbij komen.

Op dat niveau kunnen we zo bewust omgaan met ons maangedrag dat we steeds kunnen bepalen wat in de gegeven situatie  de beste reactie is, rekening houdend met de uiterlijke situatie en onze totale psyche.

Na verwerking van de emotionele pijn in het achtste huis kan de lading van die emotie worden losgelaten in het 12e huis. Het complex is dan opgeruimd, waarna de gevoelens in vier vrijelijk kunnen stromen. Dan ontstaat een soepel evenwicht tussen enerzijds het aanpassen dat nodig is in al te kwetsbare situaties en anderzijds het rekening houden met de eigen gevoelsmatige behoef­tes. Het evenwicht in dit spanningsveld zal, als het goed is, steeds opnieuw wisselen omdat ieder situatie weer om een andere reactie vraagt. Alleen bij een dergelijk dynamisch proces zal de persona soepel blijven functioneren en niet verstarren in een vervreemdend gedragspatroon.

Wie op deze manier het contact met zijn of haar gevoel weet te maken, zal eerder in staat zijn de eigen vrouwelijke en mannelijke kanten met elkaar in evenwicht te brengen, wat voorwaarde is om uit te groeien tot een sterke persoonlijkheid, androgyn en evenwichtig.

Dan wordt het gevoel als een gids van de innerlijke wereld die door middel van begrip, meeleven en inleven, garant staat voor betere en diepere gevoelscontacten met de omgeving. Dit voedt dan weer het eigen gevoel dat daarmee wint aan diepgang en wijsheid.

En dan wordt de maan juist de wegwijzer naar het werkelijk zichzelf zijn in plaats van het vervreemdende effect dat uitgaat van het doen-alsof gedrag. Het is in deze paradox dat het archetype van de maan beter kan worden begrepen.